Verder in technisch vakmanschap
ISO 9001

Subsidie BBL-sprint

Voor de deelnemers aan de BBL-sprint is belastingvoordeel en een aantal subsidie mogelijkheden aan te vragen. Voor deze regelingen gelden een aantal voorwaarden. Als u aan deze voorwaarden voldoet kunt u uw netto-investering op het opleiden van uw medewerker(s)sterk reduceren, waardoor de BBL-sprint nog aantrekkelijker is. Hieronder vindt u de regelingen die van toepassing zijn op de BBL-sprint.

De mogelijkheden hebben we kort voor u samengevat en onderverdeeld in ondernemer en particulier.

Ondernemer

De verschillende mogelijkheden die van toepassing zijn op mbo-opleidingen voor ondernemers zijn:

1. Studiekosten werknemers aftrekbaar voor de winstbelasting
2. Subsidieregeling praktijkleren
3. Regelingen vanuit OTIB, OOM en A&O 

Particulier

Voor particulieren is dit:

4. Studiekosten aftrekbaar van inkomstenbelasting

1. Studiekosten werknemers aftrekbaar voor de winstbelasting

Voor een onderneming zijn opleidingskosten, net zoals overige bedrijfskosten, aftrekbaar voor de winstbelasting. U betaalt dus minder winstbelasting en daarin zit uw voordeel. Wanneer we als voorbeeld de Vennootschapsbelasting nemen, dan bespaart u 25% op de opleidingskosten, omdat u minder vennootschapsbelasting betaalt door het lagere resultaat. Dit gaat natuurlijk alleen op als uw onderneming winst maakt.

2. Subsidie praktijkleren

Met de Subsidieregeling praktijkleren worden werkgevers gestimuleerd om leerwerkplaatsen aan te bieden. Het maximale subsidiebedrag is € 2.700,- per jaar. De subsidie is een tegemoetkoming voor een werkgever in de kosten die hij maakt voor de begeleiding van een leerling, deelnemer of student.

Voor wie?
De regeling is bedoeld voor bedrijven die een leerwerkplaats aan bieden voor mbo-leerlingen die een Beroepsbegeleidende Leerweg (BBL) volgen.

Hoe werkt het?
De werkgever vraagt het subsidiebedrag achteraf aan. Er wordt per jaar een budget voor de gehele mbo BBL-groep beschikbaar gesteld.
Overigens kan ieder moment van het jaar een deelnemer stoppen of starten, de subsidie wordt dan gebaseerd op het aantal maanden gevolgde opleiding, gedeeld door 12, maal het vastgestelde subsidiebedrag van het desbetreffende studiejaar.

Voorwaarden voor de Subsidie praktijkleren:

  • Het bedrijf is door SBB erkend voor het betreffende Crebo.
  • Er wordt gewerkt op basis van een geldige (praktijkleer)overeenkomst.
  • Het betreft een BBL-opleiding.
  • De beroepsopleiding is diplomagericht en is opgenomen in het Crebo- of CROHO-overzicht bij DUO. Alleen opleidingen die zich richten op een volledig diploma komen in aanmerking.
  • Minimaal 200 begeleide onderwijsuren verzorgd door de onderwijsinstelling per jaar.
  • Minimaal 610 klokuren beroepspraktijkvorming in het erkende leerbedrijf per jaar. 
    Voor uitgebreide informatie, lees meer…

De werkgever moet per deelnemer over de volgende administraties beschikken:

  • Een door alle partijen ondertekende praktijkleerovereenkomst (levert het ROC).
  • Een aanwezigheidsregistratie van de deelnemer bij de beroepspraktijkvorming bij het erkende leerbedrijf (de administratie wordt gedaan door het bedrijf).
  • Een administratie waaruit de begeleiding van de deelnemer blijkt.
  • Een administratie waaruit blijkt hoe en welke kwalificaties ten opzichte van de beroepspraktijkvorming zijn behaald.
  • Heeft je medewerker al eerder een diploma behaald op een hoger of gelijk opleidingsniveau in een andere richting? Dan kun je een zogenaamd 'model-c formulier' aanvragen. Daarin kun je aangeven waarom het van bedrijfseconomisch belang is dat de medewerkers deze MBO-opleiding gaat volgen.
  • Bovenstaande informatie is afkomstig van de website van RVO (Rijksdienst voor ondernemend Nederland). Je kunt de gehele regeling nalezen op de website van RVO. Daar is ook het aanvraagformulier te vinden en kun je een folder downloaden.

Vragen
Voor veel gestelde vragen over de subsidie, klik hier.

3. Regelingen vanuit OTIB, OOM en A&O

Bij de verschillende scholingsfondsen is het mogelijk om in aanmerking te komen voor een vergoeding voor een mbo-opleiding. Onderstaand per opleidingsfonds een korte samenvatting van de regeling.

OTIB
Mogelijke vergoedingen
• Maximaal € 1.200,- per jaar.

Voorwaarden
• Het bedrijf valt onder de CAO-werkingssfeer van OTIB.
• De deelnemer is in dienst bij uw bedrijf.
• Het bedrijf is een erkend leerbedrijf.
• U hebt de verplichte bijdrage aan OTIB betaald.

Bekijk de uitgebreide voorwaarden op de website van OTIB.

OOM
Mogelijke vergoedingen
• Maximaal € 2.300,- per jaar.

Voorwaarden
• Het bedrijf valt onder de CAO-werkingssfeer van OOM.
• De deelnemer is in dienst bij uw bedrijf.
• Het bedrijf is een erkend leerbedrijf.
• U hebt de verplichte bijdrage aan OOM betaald.
• Een bedrijf kan voor max. 5 leerlingen een Leerwerk Bijdrage aanvragen.

Bekijk de uitgebreide voorwaarden op de website van OOM

A+O Metalektro
Mogelijke vergoedingen
• Maximaal € 3.000,- per jaar.

Voorwaarden
• Aangesloten zijn bij een A&O fonds
• Ondertekende bpv/pok met crebonummer (mbo)
• Aanvraagformulier
• Ondertekende bpv/pok (mbo) of onderwijsovereenkomst
• Kopie arbeidscontract

Bekijk de uitgebreide voorwaarden op de website van A+O Metalektro.

4. Particulier; studiekosten aftrekbaar van inkomstenbelasting

Sinds 2013 is het door de fiscus nog aantrekkelijker gemaakt om studiekosten als aftrekpost op te geven. De drempel van de aftrek is namelijk verlaagd naar € 250,-. Afhankelijk van uw jaarinkomen en de belastingschijf waarin u valt, bespaart u over het meerdere minimaal 37% en maximaal 52% van uw studiekosten. De maximale aftrek bedraagt € 15.000,-.

 

Aan bovenstaande tekst kunnen geen rechten worden ontleend.