| QuickStart kwalificatie |
Crebo: 94271 2009-2010 |
||
|
Monteur elektrotechnische installaties
|
|||
| Karakteristiek van de uitstroom | |
|
De monteur elektrotechnische installaties is werkzaam in de sector techniek bij een installatiebedrijf dat zowel eenvoudige als complexe elektrotechnische installaties aanlegt, onderhoudt en wijzigt. Het betreft installaties als algemene elektrotechnische installaties, gebouwbeheerssystemen, datanetwerken, telecominstallaties, (openbare) verlichting en verkeerssignalering. Het werk wordt buiten het bedrijf, op locatie verricht. Assemblagewerkzaamheden kunnen op een werkplaats binnen het bedrijf worden uitgevoerd. De monteur elektrotechnische installaties beschikt over verantwoordelijkheidsgevoel. Hij werkt goed samen, streeft een goede kwaliteit van zijn eigen werk na, handelt adequaat bij werkopdrachten die onvolledig zijn of uitgaan van onjuiste veronderstellingen en werkt uit zichzelf volgens de voorschriften op het gebied van veiligheid, gezondheid en milieu. De monteur elektrotechnische installaties heeft een uitvoerende rol. Hij werkt zelfstandig onder supervisie van een (vakvolwassen) collega, leidinggevende of een project-/bedrijfsleider. Bij onbekende situaties raadpleegt hij zijn leidinggevende. Hij is verantwoordelijk voor de kwaliteit van zijn eigen werk. |
|
| Kerntaken met bijbehorende werkprocessen | |
| Kerntaak 1: Installeert technische installaties | |
|
1.1 Voorbereiden installatiewerkzaamheden 1.2 Assembleren van deelproducten 1.3 Demonteren van componenten en kabels/leidingen 1.5 Aanleggen kabels/leidingen 1.6 Plaatsen en monteren componenten 1.7 Beproeven van installatie 1.10 Afronden installatiewerkzaamheden |
|
| Relevante competenties met componenten | |
|
E Samenwerken en overleggen    ·  Afstemmen    ·  Anderen raadplegen en betrekken K Vakdeskundigheid toepassen    ·  Gevoel voor ruimte en richting tonen    ·  Vakspecifieke manuele vaardigheden aanwenden    ·  Vakspecifieke mentale vermogens aanwenden L Materialen en middelen inzetten    ·  Goed zorgdragen voor materialen en middelen    ·  Materialen en middelen doelmatig gebruiken    ·  Materialen en middelen doeltreffend gebruiken |
R Op de behoeften en verwachtingen van de "klant" richten    ·  "Klant"-tevredenheid in de gaten houden    ·  Aansluiten bij behoeften en verwachtingen T Instructies en procedures opvolgen    ·  Instructies opvolgen    ·  Werken conform veiligheidsvoorschriften    ·  Werken conform voorgeschreven procedures |